• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Transformatie jeugdhulp

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015

Op 1 januari 2015 is de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) ingegaan. Deze wet vervangt de 'oude' Wmo, die sinds 1 januari 2007 van kracht was. Wat is er veranderd?

Gemeenten verantwoordelijk voor participatie en zelfredzaamheid

Gemeenten zijn volgens de Wmo 2015 verantwoordelijk voor de deelname van mensen met een beperking of psychische problemen aan het maatschappelijke verkeer. Ook moeten zij passende ondersteuning bieden zodat mensen in staat zijn tot de noodzakelijke algemene dagelijkse levensverrichtingen (bijv. eten, drinken, in en uit bed komen, aan- en uitkleden, bewegen, toiletbezoek) en een huishouden kunnen runnen.

Awbz begeleiding naar Wmo 2015

Volwassenen die voor hun begeleiding een beroep deden op de Algemene wet bijzondere ziektekosten, moeten zich sinds 1 januari 2015 wenden tot de gemeente als zij begeleiding nodig hebben.

Awbz persoonlijke verzorging naar twee wetten

Persoonlijke verzorging is verdeeld over twee wetten. Samenhangend met begeleiding valt verzorging  onder de Wmo 2015 en samenhangend met verpleging valt het onder de Zorgverzekeringswet.

Van compensatieplicht naar maatwerkvoorziening

In de 'oude' Wmo stond de compensatieplicht centraal. Gemeenten waren verplicht om mensen met een beperking of psychische problematiek te compenseren voor de beperkingen die zij ondervonden bij hun zelfredzaamheid en participatie. In de Wmo 2015 is de term 'maatwerkvoorziening' geïntroduceerd. In de wet staat niet wat voor soort voorziening dit moet zijn. Voorbeelden zijn maaltijdverzorging, vervoer, individuele begeleiding, beschermde woonplek,  dagbesteding op maat, huishoudelijke hulp of aanpassingen in de woning. De maatwerkvoorziening is aanvullend op wat iemand zelf kan bijdragen, en vormt samen met de inzet van eigen kracht of mantelzorg een samenhangend ondersteuningsaanbod, ofwel maatwerk.

Minder prestatievelden

In de 'oude' Wmo stonden negen prestatievelden centraal. Deze komen in de Wmo 2015 niet meer voor. Wel wordt in de wettekst bij de begripsomschrijving van ‘maatschappelijke ondersteuning’ aangegeven waar gemeenten zich mee bezig moeten houden. Hier zijn de prestatievelden (gedeeltelijk) in te herkennen:

  • bevorderen van de sociale samenhang, de mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld;
  • ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving;
  • bieden van beschermd wonen en opvang.

Pgb en voorzieningen in natura

In de Wmo 2015 kunnen cliënten nog steeds een keuze maken tussen voorzieningen in natura of een persoonsgebonden budget. In artikel 2.3.6 van de nieuwe wet staat: 'Indien de cliënt dit wenst, verstrekt het college hem een persoonsgebonden budget dat de cliënt in staat stelt de diensten,  hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot de maatwerkvoorziening behoren, van derden te betrekken'.

Aanbieders moeten zich richten naar de cliënt

De Memorie van Toelichting van de Wmo 2015 stelt dat gemeenten cliënten actief bij het inkoopbeleid moeten betrekken. Ook moeten gemeenten streven naar diversiteit in het gecontracteerde aanbod.  Als de cliënt ondersteuning in natura ontvangt, wil de regering aanbieders aansporen om meer maatwerk te bieden en innovatieve arrangementen te ontwikkelen. Aanbieders moeten zich meer richten naar de cliënt en niet (of minder) naar de regels en gebruiken binnen hun organisatie.

Huiselijk geweld hindert participatie

In de Wmo 2015 wordt huiselijk geweld gezien als een belemmering voor participatie. De wet maakt gemeenten nadrukkelijk verantwoordelijk voor de preventie en aanpak van huiselijk geweld, ook als de hulp uiteindelijk geleverd wordt op regionaal of landelijk niveau. Ook vereist de Wmo 2015 het samenvoegen van het Steunpunt Huiselijk Geweld en het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling tot het Advies- en Meldpunt Huiselijk geweld en Kindermishandeling (AMHK). De Wet Verplichte Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling die per 1 juli 2013 geldt, verplicht instellingen en zelfstandigen in zorg en welzijn (bijvoorbeeld sociale wijkteams) te werken met een meldcode. In de Wmo 2015 wordt dit nog eens bevestigd. De volledige tekst van de wet kunt u vinden op Overheid.nl.

Bronnen

 

Vragen?

Gert van den Berg is contactpersoon.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.