• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Van jeugd naar volwassenheid

Stap 3: Breng alle partners en rollen in beeld en faciliteer interne en externe samenwerking

Maak een netwerkanalyse of sociale kaart en benoem gezamenlijk met de partners ieders rol. Denk daarbij aan:

  • maatschappelijk veld en maatschappelijke voorzieningen
  • ervaringsdeskundigen, jongeren met ervaring
  • Wmo-adviesraad
  • afdelingen binnen de gemeente
  • regionale structuren

Gemeenten kunnen uit hun eigen beleidsdocumenten veel informatie halen, dus gebruik deze documenten daar ook voor. Hoe ziet de gemeente haar eigen rol? Vraag hiernaar binnen de interne afdelingen.

Werk samen binnen én buiten de gemeente

Gezien de breedte van de thematiek en problematiek, is samenwerking tussen de verschillende domeinen in de gemeente noodzakelijk. Dat vraagt iets van de interne organisatie van gemeenten. Een integrale samenwerking tussen niet alleen werk en inkomen, jeugd en Wmo, maar ook met onderwijs, schuldhulpverlening en wonen helpt om maatwerk te leveren voor deze jongeren. Het is van belang dat dit onderwerp op het netvlies staat van alle lagen binnen de gemeente: wethouder, college, raad én de strategische, beleidsmatige en uitvoerende ambtenaren. In de praktijk blijkt vaak dat de doorlopende ondersteuning van jongeren in kwetsbare posities een dusdanig omvattend
thema is dat het een aparte projectmatige aandacht vraagt. Hierbij zijn een stuurgroep en verbindende projectleider vaak van toegevoegde waarde binnen én buiten de gemeente.

Vaak zijn samenwerkingspartners ook bezig met dit onderwerp. Betrek hen voortijdig in het proces. Het kan ook helpen om een of meer kwartiermakers in te stellen. Dat zijn afgevaardigden vanuit de gemeente die samen met betrokken partners het proces op de werkvloer aanjagen. Zorg dat jongeren met ervaring onderdeel zijn van deze groep, zodat zij kunnen adviseren vanuit hun eigen ervaringen.

Benut regionale structuren

Behalve samenwerking binnen de gemeente is ook samenwerking binnen de regio belangrijk. Jongeren vliegen uit en hebben vrienden, activiteiten, opleiding of werk in andere wijken of buiten de eigen dorps- of stadsgrenzen. De aanpak voortijdig schoolverlaten (vsv) vindt in regionaal verband plaats via de Regionale Meld en Coördinatiefunctie (RMC). De RMC-medewerker werkt samen met een netwerk van instellingen op het gebied van onderwijs, arbeidsvoorziening, justitie, jeugdhulp en welzijnswerk met als doel jongeren zonder startkwalificatie terug naar school of werk te begeleiden. Hierdoor zijn jongeren in kwetsbare posities vaak goed in beeld in de RMC-regio. Ook de financiering van zorg en ondersteuning kan regionaal worden geregeld. Jongeren zijn veelal gericht op een centrumgemeente voor school en vrije tijd.

Benoem opgave voor professional en faciliteer samenwerking

Integrale dienstverlening voor jongeren tussen de 16 en 27 jaar vraagt nieuw gedrag van uitvoerders van bijvoorbeeld het jongerenloket, de wijkteams en van professionals bij aanbieders. Deze verandering gaat niet vanzelf. Dat vraagt om een gedeeld beeld van de benodigde verandering en om een gesprek met het professionele veld. Medewerkers van organisaties in verschillende domeinen moeten leren om elkaar op te zoeken en met elkaar samen te werken. Faciliteer dat hulpverleners toekomstplannen kunnen maken over de grenzen van hun organisaties heen. Koppel het toekomstplan aan de doorgaande leerlijn van scholen en faciliteer samenwerking tussen professionals op school en in de zorg. En ten slotte, werk samen met werkgevers: houdt rekening met hun belangen en biedt coaching aan werkbegeleiders.

Checklist acties

  • Maak een netwerkanalyse en bepaal ieders rol.
  • Betrek partners en ervaringsdeskundigen bij het proces.
  • Stel kwartiermakers aan.
  • Inventariseer regionale samenwerkingspartners en structuren.
  • Faciliteer samenwerking tussen professionals.

Resultaat

Binnen de gemeente en de regio werken partners integraal samen om doorlopende ondersteuning aan jongeren te bieden.

Voorbeeld: Samenwerking op alle vlakken

In de gemeente Amsterdam zijn de beleidsafdelingen jeugd, wonen, zorg, onderwijs en werk en inkomen samen aan de slag gegaan. Eerst hebben ze alle partners in beeld gebracht die zich bezighouden met jongeren in een kwetsbare positie tussen de 16 en 27 jaar. Denk bijvoorbeeld aan beleidsambtenaren van verschillende afdelingen in de stad en de stadsdelen, jeugdhulpaanbieders, zorgaanbieders, zorgverzekeraars en ROC’s. Het doel was om beter inzicht te krijgen in wie wat doet met en voor deze jongeren, van preventie tot jeugdbescherming en van maatschappelijke opvang tot jeugddetentie. Lang niet iedereen kende elkaar, terwijl ze in dezelfde gemeente met dezelfde problematiek werken. Als ze elkaar leren kennen en weten te vinden, kan dat voor een versnelling zorgen. Daarom wilde de gemeente deze partijen meer met elkaar verbinden. Met alle partners is een stadsbrede expertmeeting georganiseerd om knelpunten verder uit te diepen en acties in gang te zetten.

Uit de expertmeeting kwamen een aantal aanbevelingen voort:

  1. De doelgroep en hun vraag beter in kaart brengen.
  2. Betere samenwerking tussen de partners.
  3. Toegankelijk en passend aanbod organiseren.
  4. Flexibiliteit en experimenteerruimte creëren.

De partners ervaren het als een grote meerwaarde dat ze elkaar door de expertmeeting beter weten te vinden. Nu is het van belang dat er een concreet vervolg wordt georganiseerd. Daarin heeft de gemeente Amsterdam een regisserende rol, vanuit met name de afdeling Jeugd, in samenwerking met Onderwijs en Zorg. De gemeente betrekt haar partners intensief bij de initiatieven die voortkomen uit de expertmeeting. Zoals de mogelijkheid om het eigen risico voor jongeren in de ggz te vergoeden. Ook investeert de gemeente in de samenwerking tussen zorgprofessionals op de ROC’s en de Jongerenpunten in de wijk, die zich richten op toeleiding naar werk of opleiding. De gemeente maakt mensen vrij voor de samenwerking. Zo is er een regisseur aangesteld met de opdracht om integraal jeugdbeleid te organiseren (voor jongeren in kwetsbare posities 18-/18+) . Deze heeft vaste contactpersonen bij de andere afdelingen. Er ligt hier ook een bestuurlijke opdracht vanuit de wethouder Jeugd, die verantwoordelijkheid draagt voor zorgcontinuïteit. Dit betekent dat de regisseur zich hierop kan beroepen om andere afdelingen in te schakelen om een beter aanbod te organiseren.
Daarnaast geeft de gemeente ruimte aan pilots om te experimenteren met nieuw beleid. Ook worden aanbieders gestimuleerd om te innoveren. Zo kregen zij de kans innovatieve oplossingen voor wachtlijsten te pitchen. Hiervoor
was budget vrijgemaakt. De gemeente onderzoekt ook in pilots waar er kan worden afgeweken van (landelijke) regels. In het kort doorliep de gemeente de volgende stappen:

  1. Partners in beeld brengen (3 maanden).
  2. Meeting organiseren (1 maand).
  3. Initiatieven oppakken met werkgroepen, met integrale sturing vanuit het sociaal domein en de afdeling Wonen (4 maanden).
  4. Maatregelen en initiatieven op bestuurs/directie-niveau voorleggen om doorbraak te organiseren (in Amsterdam ging dit door een gesprek in de ambtswoning) (1 maand).
  5. Collegevoorstel met maatregelen omtrent de overgang naar volwassenheid (2 maanden).
  6. Aan de slag met het uitvoeren ontwikkelagenda ‘overgang naar volwassenheid’ (1 maand).

Totale duur traject: 1 jaar.

Vragen?

Linda van Middelkoop is contactpersoon.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.