• WERKEN AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Integrale jeugdhulp

Gemeenten en integrale jeugdhulp

Gemeenten spelen een belangrijke rol in het organiseren en stimuleren van integrale jeugdhulp. Gemeenten hebben een maatschappelijke opdracht en kijken voor de jeugdhulp daarom naar het gewenste maatschappelijke resultaat en niet zozeer naar de resultaten van losstaande hulpvormen. Om een maatschappelijk resultaat te behalen is soms integrale jeugdhulp noodzakelijk.
Een gewenst resultaat kan bijvoorbeeld zijn dat een jongere zelfstandig deelneemt aan de maatschappij. Om dit te behalen kan voor een jongere integrale jeugdhulp nodig zijn in de vorm van samenwerking tussen onderwijs, begeleid kamerbewonen en jeugd-ggz. De gemeente heeft als belangrijke taak vormen van integrale jeugdhulp in de praktijk mogelijk te maken.

Stimuleren van integrale jeugdhulp

Gemeenten vinden het vaak lastig om met hun inkoopbeleid te sturen op integrale hulp. Een financiële prikkel kan helpen om een organisatie efficiënter te laten werken, maar fundamentele veranderingen worden er vaak niet mee bereikt.
Het is van belang dat gemeenten aansturen op samenwerking en niet op onderlinge concurrentie tussen aanbieders. Om duurzame veranderingen te realiseren zullen gemeenten op verschillende terreinen moeten sturen. Dit kan door met verschillende partijen in gesprek te gaan over inhoud, kwaliteit van zorg en competenties van hulpverleners. Gemeenten kunnen met aanbieders praten over welke mogelijkheden zij zien voor samenwerking, hun bereidheid tot innovatie, en hoe ze de kwaliteit en klanttevredenheid toetsen. De aanbieders zullen hierbij aangeven wat de randvoorwaarden zijn om dat te realiseren.

Financiering

Veel gemeenten zoeken naar een financieringsmodel dat helpt om de doelen van de transitie te realiseren. De Werkgroep integrale bekostiging jeugdhulp van de VNG publiceerde begin 2016 een overzicht van de meest gangbare modellen. Elk model heeft voor- en nadelen, blijkt uit het overzicht. Er is niet één model dat gemeenten in staat stelt om met alleen bekostiging te sturen op het behalen van alle doelstellingen van de transitie.

De VNG onderscheidt drie hoofdmodellen: taakgerichte bekostiging, inspanningsgerichte bekostiging en outputgerichte bekostiging. Bij elk model wordt gekeken in hoeverre het de gemeente helpt te sturen op de doelstellingen van de transitie.

Vragen?

Cécile Chênevert is contactpersoon.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.