• HET NJi WERKT AAN DE KWALITEIT
  • VAN DE JEUGDSECTOR
Effectiviteit van jeugdinterventies

Methodiekbeschrijving

Interventies worden gekenmerkt door een methodiek: een werkwijze volgens een bepaald systeem, die daardoor inzichtelijk en overdraagbaar is. Naast de methodiek zijn ook het doel, de doelgroep en de inbedding in het stelsel van interventies kenmerkend.

Niet elke interventie is gebaseerd op een methodiek. Soms bestaat een interventie uit een werkwijze die weinig systematisch is. Maar om het predicaat 'in theorie effectief' te krijgen, moet een interventie in ieder geval beschikken over een goed beschreven methodiek. In dat geval is er dus een grote overlap tussen de begrippen 'methodiek' en 'interventie'.

Doel van de methodiek

In de eerste plaats moet helder zijn wat de methodiek beoogt. Bijvoorbeeld: de methodiek heeft als doel het verminderen van de taalachterstand van allochtone leerlingen in het basisonderwijs en de gevolgen daarvan, zoals zittenblijven en lage Cito-scores.

Afbakening doelgroep en domein

Daarnaast moet in de methodiek aangegeven zijn voor welk risico of probleem en voor welke doelgroep zij bestemd is. Daarbij is het gebruikelijk de indicaties voor toepassing te vermelden: de aanwijzingen dat de interventie passend is voor deze doelgroep, in deze situatie of over op dit tijdstip. Bijvoorbeeld: de methodiek is bestemd voor allochtone kinderen met een taalachterstand aan het begin van de basisschool.
Ook kunnen er contra-indicaties worden geformuleerd, die aangeven wanneer de aanpak niet geschikt is. Bijvoorbeeld: de methodiek is niet bestemd voor kinderen met een verstandelijke handicap, een gehoorstoornis of een aan autisme verwante stoornis.
Minder gebruikelijk - maar wel van belang - is om bij de afbakening aan te geven welke omvang de doelgroep ongeveer heeft, hoe groot de vraag naar de methodiek waarschijnlijk is en hoe de methodiek de doelgroep kan bereiken.

Werkwijze

Een methodiek bevat verder een beschrijving van de werkwijze. Daarmee wordt duidelijk welke acties ondernomen moeten worden om het doel te bereiken. Vaak staat in die beschrijving een overzicht van de in te zetten 'middelen', zoals leerkrachten, ouders en speciaal leesmateriaal. Ook bevat de beschrijving meestal een stappenplan dat vertelt in welke volgorde en met welke frequentie, duur en intensiteit de activiteiten plaatsvinden. Gewoonlijk gaat bij methodiekontwikkeling de meeste aandacht uit naar de beschrijving van de middelen en het stappenplan.

Onderbouwing

De methodiek is meer dan alleen een spoorboekje. Zij maakt ook duidelijk waarom gekozen is voor de beschreven activiteiten om het doel te bereiken. Drie soorten argumenten spelen daarbij een rol:

  • Theoretische argumenten. De methodiek moet gestoeld zijn op een theorie die aannemelijk maakt dat zij zal werken en dat de activiteiten dus zinvol zijn. Daarbij volstaat het niet om alleen te verwijzen naar een theorie. Er moet een voor relatieve buitenstaanders helder betoog zijn over de redenen waarom deze activteiten waarschijnlijk bij de doelgroep zullen leiden tot het bereiken van de doelen.
  • Argumenten op basis van empirisch onderzoek en praktijkervaring. Gegevens uit wetenschappelijk gecontroleerde studies en praktijkonderzoeken kunnen argumenten leveren voor de werkzaamheid van de aanpak. De methodiek krijgt dan een 'evidence based' karakter.
    Hier zijn twee richtingen te onderscheiden. Bij 'evidence based practice' worden gegevens uit wetenschappelijk effectonderzoek gebruikt om het handelen in de praktijk beter te laten verlopen. Bij 'practice based evidence' worden gegevens uit de praktijk gebruikt om wetenschappelijk bewijs te verzamelen voor de effectiviteit van het handelen.
  • Economische argumenten. Soms zijn er argumenten om in een methodiek niet de optimale weg tot het doel te bewandelen maar de suboptimale weg. De reden daarvoor kan zijn dat dat goedkoper is en toch tot een aanvaardbaar resultaat leidt.

Meer informatie staat onder Goed onderbouwd elders in dit dossier.

Positie ten opzichte van andere methodieken

Er bestaan veel ondersteunings- en behandelvormen voor kinderen, jongeren en hun opvoeders. Daarom is het goed om bij een methodiek aan te geven wat zij gemeenschappelijk heeft met andere, bekende werkwijzen. Dat verhoogt de herkenbaarheid en maakt duidelijk welke theoretische, empirische of economische argumenten de methodiek deelt met andere ondersteunings- en behandelvormen. Tegelijk moet aannemelijk zijn waarom de methodiek bestaansrecht heeft naast andere werkwijzen. Wat voor nieuws of aparts biedt deze aanpak? Wat voegt deze toe?

Een goede onderbouwing onderscheidt het handelen van de professional van dat van de leek. In de praktijk worden veel interventies echter uitgevoerd zonder goede onderbouwing. Methodiekontwikkeling moet ertoe bijdragen dat dat verbetert.

Handreiking en handboek voor overdraagbare interventie

Het Nederlands Jeugdinstituut heeft een handreiking gemaakt voor het ontwikkelen van een methodiekhandleiding. Welke onderwerpen moeten beschreven worden? Hoe concreet wordt de aanpak uitgewerkt en hoe geef je vorm aan het proces van beschrijven? Deze handreiking geeft praktische tips en is onder meer bedoeld voor stafmedewerkers, gedragswetenschappers en kwaliteitsfunctionarissen die belast zijn met het beschrijven van het methodisch handelen.
'Beschrijven van methodisch handelen: handreiking om te komen tot een overdraagbare interventie (2011)'

Een handboek maakt een succesvolle interventie toepasbaar voor collega's en draagt bij aan de verantwoording van het werk. Maar hoe schrijf je een goed handboek? Ter ondersteuning is een schrijfwijzer opgesteld, een publicatie van het samenwerkingsverband Effectieve interventies. De schrijfwijzer is geschikt voor iedereen die een handboek over een interventie gaat schrijven.
Hoe schrijf ik een handboek? (2012)

Ondersteuning

Het Samenwerkingsverband Effectieve Jeugdzorg Nederland (SEJN) biedt ondersteuningspakketten om de beschrijving en onderbouwing van interventies op orde te brengen. Elders op deze site vindt u meer informatie over deze ondersteuningspakketten.

Bronnen en meer informatie

Vragen?

Gert van den Berg is contactpersoon.

NJi gebruikt cookies om het gebruik van de website te analyseren en het gebruiksgemak te verbeteren. Lees meer over cookies.